De Amigoe behoudt zich het recht voor ingezonden brieven te weigeren, te corrigeren of anderzins redactioneel te bewerken en in te korten. Brieven, die maximaal 600 woorden mogen bevatten, moeten zijn voorzien van naam en woonplaats. Het adres en telefoonnummer worden niet gepubliceerd, maar zijn nodig ter verificatie. Gelieve brieven te sturen naar redactie@amigoe.com.
| De mens Zielinski achter z’n personages |
|
|
|
| dinsdag, 21 februari 2012 06:11 | |||
|
IN 2008 KWAM ik Erich Zielinski voor het eerst tegen in Amsterdam en werd ik aan hem voorgesteld. Hij gaf mij een stevige hand en zei volgens een goed Antilliaans gebruik: “Ik ken jouw vader heel goed”, en ik keek hem een beetje verbaasd aan. Even was het stil, terwijl hij mijn hand nog vasthield en vervolgde: “Ja, jouw vader is toch de duty station-manager bij de KLM op Aruba en later bij de ALM geweest?”. Op dat moment moest ik instemmend knikken en werd een basis gelegd voor een vruchtbare relatie. Tijdens de lezing in verband met de eerste Caribische Letterendag, die we samen hadden bijgewoond, kwam hij naast mij zitten en na afloop spraken we elkaar nog urenlang. Hiermee gaf Zielinski aan dat hij een Menschen-mens was en veel waarde hechtte aan vriendschap en nieuwe gezichten in zijn kring. Schrijver Erich Zielinski had het vergeleken bij zijn collega-schrijvers anders en goed aangepakt. Hij hield rekening met z’n lezers en bood ze de nodige variatie aan qua plaats van handeling van zijn verhalen. Zijn debuut-roman De Engelenbron speelde zich af op Curaçao en daarin hanteerde hij, in tegenstelling tot andere, clichéverhalen, een begrafenisondernemer als importeur van drugs. Voor zijn tweede roman De prijs van de zee had Zielinski zijn geboorte-eiland Bonaire als decor gekozen. In dit boek toonde hij zich een goede kenner van de vissersgemeenschap Playa Frans op Bonaire en werd een goed profiel van een besloten gemeenschap gegeven. In z’n derde roman had hij het verhaal grotendeels in Nederland gesitueerd, waarin hij zelfs het taboe doorbrak om over een homorelatie te schrijven. Erich toonde zich een een jurist pur sang toen hij besloot om onder andere zijn auteursrechten in de stichting Fundashon Seru di Orashon onder te brengen. Hiermee werden de verdiensten uit de boekenverkoop en andere literaire activiteiten van zijn privé-vermogen gescheiden. Opmerkelijk hierin is de stichtingsnaam Berg van het Gebed, die in 2003 werd opgericht. Op zich doet het een beetje religieus aan of is het tenminste een teken dat de auteur rekening hield met het gegeven dat het leven op aarde ooit ophoudt te bestaan. Tevens was Zielinski op het idee gekomen om goed gebruik te maken van de rechtbankverslagen om zodoende zijn verhalen te construeren. Een andere bron dan een procesverbaal van de politie of het verslag van een strafproces is voor een auteur een geschenk uit de hemel. Voor zover bekend had hij weinig over de dood geschreven en evenmin in zijn poëzie kwam dit thema naar voren. In zijn laatste levensjaren en in aanloop naar de staatkundige veranderingen met ingang van 10-10-10, schreef hij een alternatieve staatsregeling voor zijn land Curaçao. Evenals Boeli van Leeuwen schreef hij een juridische verhandeling, ditmaal in de vorm van een ontwerp-staatsregeling. B. van Leeuwen werd alom geprezen en vaak geciteerd uit z’n position paper De Nederlandse Antillen tussen Nederland en Venezuela (1972). Met zijn bijdrage in de vorm van een ontwerp-staatsregeling en zijn aanwezigheid tijdens de laatste besprekingen in Den Haag 2010, toonde Zielinski een ware independendista te zijn. Een besef dat langzaam aan groeide met de veranderingen in de Curaçaose samenleving en de maatschappelijke ontwikkelingen. Als tiener herinner ik mij Erich Zielinski als redacteur van de Beurs & Nieuwberichten, in dezelfde tijd dat Agustin Diaz (ex-Statenlid DP) hoofdredacteur was bij La Prensa. Zielinski was een mens die streefde naar veranderingen alsook vooruitgang en het was niet verwonderlijk dat hij reeds in de jaren ‘60 samen met anderen het blad Vitó oprichtte. In zijn carrière had hij verschillende rollen vertolkt: onderwijzer, bladredacteur, hoofdredacteur, advocaat en schrijver. Ook in literair opzicht wilde hij zich van de Grote Drie: B. van Leeuwen, T. Marugg en F. Martinus Arion, onderscheiden en zijn lezers van een andere soort proza laten genieten. Door alledaagse gebeurtenissen te thematiseren stimuleerde hij een hoger bewustzijn onder zijn lezerspubliek. QUITO NICOLAAS Nederland
|













