De Amigoe behoudt zich het recht voor ingezonden brieven te weigeren, te corrigeren of anderzins redactioneel te bewerken en in te korten. Brieven, die maximaal 600 woorden mogen bevatten, moeten zijn voorzien van naam en woonplaats. Het adres en telefoonnummer worden niet gepubliceerd, maar zijn nodig ter verificatie. Gelieve brieven te sturen naar redactie@amigoe.com.

Home Ingezonden Ingezonden Dia di Maestro 2012
Dia di Maestro 2012 PDF Afdrukken E-mail
donderdag, 11 oktober 2012 16:37

ENKELE DAGEN geleden brachten de woorden van de voorzitter van Sitek, de heer Plantijn, me terug naar het verleden, naar 2006 om precies te zijn. Op 21 juni 2006 woonde ik het ‘Symposium Koninkrijksrelaties’ bij, dat was georganiseerd door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK/KR) in een conferentiezaal van Madurodam in den Haag.

Het onderwerp was: ‘Toekomst voor de jeugd / Nos Futuro!’

Toen ik dat las flitste het even door mijn hoofd dat titels van rapporten en conferenties vaak het tegendeel suggereren van wat er aan de hand is. Zo heb je met betrekking tot de Antillen rapporten gehad met de titel ‘Konfiansa’ en ‘Met alle respect’ naar aanleiding van toestanden waar vertrouwen en respect ver te zoeken waren. Nu ook weer: ‘Toekomst voor de jeugd’. ‘Weinig toekomst dus’, dacht ik pessimistisch.

Er waren in 2006 zo’n 120 deelnemers, waarvan het merendeel vertegenwoordigers waren van Nederlandse Gemeenten en belangrijke instituten, zoals het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksaangelegenheden, Verkeer en Waterstaat, Justitie, Defensie, het Antillenhuis, het Arubahuis en vele andere. Ik was blij dat Waterstaat en Defensie ook waren uitgenodigd. Je weet maar nooit. Ook zag ik dat er iemand van BZK/KR was, die zowel staatkundige herstructurering als Rampenbestrijding in zijn portefeuille had, voor mijn gevoel een nogal vreemde combinatie, maar anno 2012 niet zo vreemd meer. Wrange humor? Jazeker.

Verder een aantal – voornamelijk Antilliaanse – sprekers over de reeds genoemde thema’s.

Onder de sprekers was een zekere heer Nicolls van een school in Seru Fortuna.

De heer Nicolls’ bijdrage liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Degenen die begin jaren ’80 hun uiterste best waren gaan doen voor de vernieuwing van het funderend en beroepsonderwijs, de kosten waarvan voor 85 procent werden betaald door Nederland, waren zeer gemotiveerd. Maar zij raakten gefrustreerd door de instanties die op onderwijsgebied werkzaam waren; en voor de politici, zo zei hij met ingehouden woede, bestaat de leerplicht alleen op papier. Er is bovendien geen enkele politieke partij, aldus de heer Nicolls, die onderwijs in zijn portefeuille wil hebben. Het onderwijs was chaotisch en deficiënt, er waren niet genoeg leermiddelen. Ook gingen er kinderen met honger naar school, zo zei hij.

Nu schrijven wij 2012. En luisteren naar de heer Plantijn op de Dia di Maestro op Curaçao.

De heer Plantijn dankte allen die op Curaçao hun uiterste best deden om de scholen zo goed en zo kwaad als het ging te laten functioneren. Ondanks het gebrek aan leermiddelen (!) en materiaal dat aangepast was aan de moderne tijd werd door onderwijzers al het mogelijke gedaan om de kinderen vooruit te helpen. Velen betaalden zelfs uit eigen zak wat leermiddelen. Sommigen namen kinderen mee naar huis, gaven hen wat te eten en extra les.

En toch, zei de heer Plantijn, kregen zij niet de waardering die ze verdienden. Van een timmerman wordt niet verwacht dat ie kan werken zonder zaag, maar van onderwijzers werd kennelijk wel verwacht dat ze konden werken zonder leermiddelen.

 

Zou er in de afgelopen zes jaar echt niets zijn veranderd?

 

FRED DE HAAS

Nederland