| ‘Een mooi en leefbaar Otrobanda’ |
|
|
|
| zaterdag, 06 oktober 2012 06:00 | |||
|
Kurt Schoop (links) en Gaby Da Costa Gomez
Meer dan tien jaar geleden werd een stichting opgericht met de naam Plataforma Otrabanda. In de loop der tijd werd de naam gewijzigd in Federashon Otrobanda, met een eigen bestuur. De Federashon heeft als doelstelling het versterken van de besturen van de afzonderlijke buurten van Otrobanda. Om welke wijken gaat het? Gabi Da Costa Gomez zegt: “Het zijn er acht, Baralt Wijk, Ser’i Dòmi, Dòmi Abou, Mundo Nobo, Kortijn, Kurá Shon Fil, Rif en Ser’i Otrabanda.” Tekst: Marja Berk Foto’s: Ken Wong Gabi Da Costa Gomez en Kurt Schoop zijn iets minder dan een jaar respectievelijk president en vice-president van Federashon Otrobanda. Wat was de noodzaak van het oprichten van een dergelijke stichting? Da Costa Comez:. “We komen op voor de belangen van Otrobanda in de breedste zin van het woord. Concreet betekent dit het bewerkstelligen van het welzijn van de mensen die er wonen. Maar dat niet alleen, we kijken ook naar de infrastructuur en het oplossen van allerlei problemen die er zich voordoen. Vervallen woningen bijvoorbeeld. Het is overigens niet zo dat wij de taken van Sociale Zaken overnemen, maar wij worden geconfronteerd met problemen inzake vuil of kapotte verlichting.” De Federashon is opgedeeld in diverse commissies. Zo is Dennis Klaus de voorzitter van een commissie die zich hard maakt voor de infrastructuur en een commissie die zich bezighoudt met het huisvuil. Die commissie valt onder de secretaris van de Federashon, Lai Fung How. Vuilophaal Kurt Schoop: “Momenteel zijn er gesprekken gaande met Selikor om te kijken hoe dit probleem het hoofd geboden kan worden met een duurzame oplossing voor een schoon Otrobanda. Je kunt je bijvoorbeeld wel voorstellen dat Selikor met haar grote wagens niet in staat is de smalle steegjes in Otrobanda te bereiken. Het gevolg is dat de bewoners zelf een vuilstortplaats creëren. Dat moet je natuurlijk niet willen en we proberen dit op te lossen. Eén hele grote vuilnisbelt is al opgeruimd en daarvoor in de plaats is een kinderspeelplaats gekomen. Kinderen hebben zelf meegeholpen met schilderen en ze waren erg enthousiast. Door een uitstekende samenwerking met Selikor worden de problemen stuk voor stuk aangepakt.” Da Costa Gomez is een bevlogen voorstander van het systeem van gescheiden huisvuil, maar stuitte in eerste instantie op verzet. “Maar zo langzamerhand begint het idee te wortelen en wordt het wat warmer ontvangen.” Schoop: “Het proces is gaande en wat we willen bereiken is dat men zich bewust wordt van het feit dat vuilophaal in Otrobanda nu eenmaal een andere strategie vereist dan in bijvoorbeeld Brievengat.” Waarbij het een groot voordeel is dat Da Costa Gomez en Schoop met hun neus op de problematiek zitten en alleen zij de juiste informatie kunnen verschaffen. Schoop: “Kijk, ik noem nog een voorbeeld. Veel mensen in Otrobanda hebben geen tuin. Daarom wordt de groene afvalbak voor de deur neergezet, die dan door anderen voor andere doeleinden wordt gestolen. Degenen die geen bak meer hebben, gooien het vuil dan maar op straat, het moet in hun ogen toch ergens heen. En dan zijn we weer een vuilstortplaats rijker.” Veiligheid Behalve de genoemde commissies bestaat er ook een commissie Veiligheid, die veel met de politie vergadert. Da Costa Gomez zegt: “Dat is zeker ook noodzakelijk om de veiligheid te verhogen. Er lopen hier erg veel toeristen rond, terwijl het voor de lokale mensen zeker zo belangrijk is om veilig over straat te kunnen. Door goed overleg met de politie, zie je nu al de resultaten. Wederzijdse medewerking en begrip. Maar we hebben ook wel wat puntjes van kritiek hoor. Eerlijk? Ik vind sommige agenten niet capabel genoeg voor het functioneren in de maatschappij op straat. En dan heb ik het over de manier van communiceren, het gebrek aan sociale vaardigheid. De manier waarop zij gewend zijn met mensen om te gaan is erbarmelijk. Ik snap donders goed dat je bij gebrek aan personeel niet al te kritisch kunt zijn in je aannamebeleid. Maar zet die mensen dan achter de computer of laat ze geitendieven vangen.” Het is sociale armoede en gebrek aan inzicht waar Da Costa Gomez op doelt. “Ik zeg je, ik ken een oude man. In zijn wijk zeer geliefd, vooral bij kinderen. Deze man kreeg van een politieagent een grote bek en werd geschoffeerd waar kinderen bij stonden. Zo ondermijn je zijn gezag, snap je? Er moet een mentaliteitsverandering komen, maar daar gaat wel veel tijd in zitten en je moet beschikken over een lange adem.” In het kader van veiligheid wordt ook regelmatig met DOW vergaderd. “Mensen klagen namelijk over het gebrek aan verlichting in de steegjes”, verduidelijkt Schoop. “En juist daar vinden regelmatig overvallen plaats.” DOW heeft naar aanleiding van deze vergaderingen het licht gezien en is enthousiast over de doelstellingen van de Federashon. “De mensen achter de tekentafel zijn zich niet bewust van het gebrek aan verlichting op die plaatsen en waren blij dat wij de problematiek aangaven.” Wijkontwikkeling De belangrijkste commissie, Wijkontwikkeling, valt onder Kurt Schoop. “Daar ligt min of meer de focus. Alle wijken beschikken inmiddels over een redelijk goed functionerend bestuur. Er wordt training gegeven om een goede samenwerking te bewerkstelligen en betrokkenen zijn erg gemotiveerd. Maar er wordt veel tijd in gestoken door de wijken in de te gaan en te zoeken naar de juiste mensen.” Het creëren van een groepsbesef is volgens Schoop niet zomaar voor elkaar en hij wil dit volbrengen door middel van die training. “Vergadertechnieken, persberichten schrijven, gebruik van digitale sociale netwerken en omgaan met instanties zoals Selikor en Aqualectra, alles komt voorbij.” Daar is uiteraard geld mee gemoeid, echter, subsidie krijgt de Federashon niet. “Geen stuiver”, zegt Da Costa Gomez. Daarom is hij van plan een commissie Fondsenwerving op te richten, met de blik gericht op Europa. “Ik heb hier goede mensen met inzicht voor nodig die in staat zijn grote dingen op dit gebied te doen. Echt, die plannen zijn te groot om met een collectebus langs te gaan. We willen verbreding in alle organisaties. Daartoe hebben we de Oasis Game gebruikt om een droom te vormen.” Spelenderwijs Oasis Game? Uitleg graag! Schoop doet dit maar al te graag: “Oasis Game is een methode waar je spelenderwijs de wijk ingaat en contact legt met mensen om ze te activeren. Dit wijkspel heeft ten doel het realiseren van de meest gemeenschappelijke droom van een gemeenschap op een interactieve, laagdrempelige en speelse manier. Gezamenlijk wordt een concrete stap gezet om de wijk mooier te maken door de handen uit de mouwen te steken. Tijdens een Oasis Game speelt een team van wijkbewoners, professionals en vrijwilligers het spel. Idealiter zijn dat tussen de 20 en 30 personen, waarbij de verdeling gelijk is. Het team dat het spel speelt wordt begeleid door Oasis Game-facilitators en gaat verspreid over twee of drie weekenden de wijk in met opdrachten om bewoners erbij te betrekken en te mobiliseren. Zo wordt ruimte gecreëerd om actief mee te dromen, te beslissen en mee te werken aan een gezamenlijk gedragen resultaat. Een Oasis is geslaagd als mensen zich gesterkt weten in het gevoel dat zij samen iets kunnen bereiken.” “Het leuke is”, zegt Schoop, “dat wij ook door studenten van de University of Curaçao worden ondersteund bij het bewerkstelligen van een overkoepelend masterplan voor geheel Otrobanda. Dat heeft vele facetten. Niet alleen de technische, maar ook de economische kant, zoals onder meer het winkelgebeuren, krijgt aandacht.” Emotie Het streven van Da Costa Gomez en Schoop is nobel te noemen en we hebben even de ‘technische’ kant van de motivatie belicht. Maar er gaat ongetwijfeld ook een emotionele drijfveer achter schuil. Welke is dat? Da Costa Gomez: “Jazeker. Ik vind dat er in je leven drie prioriteiten bestaan: allereerst komt de familie aan bod, maar om je gezin te kunnen onderhouden heb je een goede baan nodig. Dat zijn er alvast twee. Als je die twee voor elkaar hebt, vind ik het min of meer een plicht iets terug te doen voor de gemeenschap. Het kan en mag niet zo zijn dat je thuis zit te mopperen op de regering en zelf niets onderneemt. Dat is pure verpaupering! Kurt en ik werken uitstekend samen en we hebben één belangrijk gemeenschappelijk doel: Otrobanda. No discussion. Daar laten we ons niet van af brengen en ik hanteer een motto: Little people talk about other people. Big people talk about issues and challenges! Ik laat me niet verleiden door mensen die negatieve kritiek hebben en trachten een neerwaartse spiraal te scheppen.” Schoop verwoordt zijn drive: “Mijn emotie erachter? Ik ben verslaafd aan het maken van een verschil, dat inspireert me. Het is mijn drijfveer om datgene waar ik bij betrokken ben zo goed mogelijk te doen. Als het om Otrobanda gaat is dat bij mij zo’n tien jaar geleden begonnen toen ik met een project bezig was waarbij ik ook de wijk in moest. Ik ben toen verliefd geworden op de mensen en hun levensinstelling. Dat was de reden dat ik in deze wijk uiteindelijk een huis kocht.” Bedrijf Zowel Schoop als Da Costa Gomez hebben naast alle activiteiten voor Fundashon Otrobanda, een eigen bedrijf. Schoop houdt zich bezig met consultancy en training aan verschillende projecten. Hij heeft veel in het onderwijs gedaan en deed ervaring op met het begeleiden van processen binnen scholen. Da Costa Gomez heeft een adviesbureau. Hij woonde jaren in Nederland, maar is al geruime tijd weer terug. Hij is gespecialiseerd in veranderkunde en heeft zijn opleiding met betrekking tot organisatie-advieswerk in Nederland gevolgd. Hij werkt voor de overheid, het bedrijfsleven en voor de marine. “Het gaat altijd over veranderen”, lacht hij, “maar dat proces gaat erg diep. Dat is niet een, twee, drie te bereiken en het gaat soms met één stap vooruit en twee terug om bij die verdere stappen naar het eind van de tunnel te komen.” Bij zijn werkwijze wordt ook een sterkte/zwakte-analyse gehanteerd, de zogenaamde SWOT. “Die hanteer ik ook voor mezelf”, zegt Da Costa Gomez, “en dat heeft als resultaat dat ik steeds één zwak punt tegenkom: ik klets teveel!” Hij grinnikt en ziet er zelf de humor wel van in. Beide mannen zijn toegewijd aan hun droom over Otrobanda. Zozeer zelfs dat de functie voor de Federashon welhaast een tweede fulltime baan inhoudt. Maar bevlogen en enthousiast dromen ze verder en maken zich hard voor dat ene gemeenschappelijke doel: een leefbaar en mooi Otrobanda!
|








