| ‘Op mijn best met instrument’ |
|
|
|
| zaterdag, 06 oktober 2012 06:00 | |||
|
Begin 2013 is het St. Elisabeth Hospitaal (Sehos) en daarmee de bevolking van Curaçao een dermatoloog rijker. De Curaçaose Roxanne Gouverneur komt na haar studie medicijnen gevolgd door een vijfjarige opleiding dermatologie in Nederland, terug naar haar Curaçao om een nieuwe poli te starten en haar oude leven op te pakken. Tekst: Mineke de Vries Oud-Radulphiaan Roxanne Gouverneur heeft het gevoel dat het leven op Curaçao aan haar voorbij gaat, dat er zoveel gebeurt waar ze niet bij is, dat ze besloot terug te keren. “Als ik hoor van een barbecue of feest wil ik erbij zijn; het familiegevoel is te sterk om in Nederland te blijven.” Ondanks dat kijkt Roxanne goed terug op haar twaalf jaar Nederland. Ze heeft veel meegemaakt, genoten van het bruisende Amsterdam maar vooral veel geleerd. Voor de scherpe, alerte Roxanne Gouverneur bestaat er geen ‘het kan niet’ of ‘jij kunt het niet’. Voor haar een trigger om te bewijzen dat ze het wél kan. “Zo werd op school tegen me gezegd - toen ik in een luie fase zat, vijfje voor wiskunde en zo - dat ik nooit medicijnen zou kunnen studeren en niet eens toegelaten zou worden. Ik zeg dan niets, maar ga heel gedreven aan de gang om het tegendeel te bewijzen.”
Inmiddels heeft ze iedereen, maar vooral zichzelf overtuigd en is ze klaar voor de stap naar het Sehos. Een gedreven arts, die niet stilzit tot ze exact weet wat er aan de hand is, die tot het uiterste gaat waar het om het belang van de patiënt gaat. Ze heeft goede contacten met de twee zelfstandig gevestigde dermatologen op het eiland en kijkt ernaar uit met hen te gaan samenwerken, maar ze zal alleen de poli in het Sehos starten. “Ik begin met een spreekkamer en een spreekuur, dan zie ik wel hoe het loopt en hoe ik mij verder kan ontwikkelen.” Naast de ‘gewone’ huidziekten is Gouverneur geïnteresseerd in cosmetische dermatologie: “Ik ben nu nog bezig met een cursus fillers, het opvullen van rimpels, botox inspuiten, een klein maar leuk onderdeel van mijn vak.” Antillianen zijn daarbij erg gesteld op een mooie huid. Behalve het zich verder bekwamen in tropische aandoeningen vertaalt ze de bekende ziektebeelden naar een bruine huid. “Dezelfde aandoening ziet er op een bruine huid heel anders uit en sommige behandelingen pakken anders uit op een bruine huid. Ik leer deze maanden nog de fijne kneepjes van het vak.” Roxanne Gouverneur is er blij mee dat het Amsterdamse VU-ziekenhuis haar zoveel gelegenheid geeft zich hierin te specialiseren. “Ze geven me alle kans om straks klaar te zijn voor de overstap naar de tropen. Zo kon ik naar het grootste congres over dermatologie in de Verenigde Staten om daarna verslag uit te brengen aan Nederlandse dermatologen. Mijn onderwerp was natuurlijk tropische ziektes.” Ze wil zich breed inzetten, alles kunnen, van spataderen laseren tot operaties uitvoeren. Student in Nijmegen Als kind, wonend in Dominguito, wist Roxanne Gouverneur het al: “Ik wilde dokter worden, maar wel eentje met naalden! Ik vond het interessant als mijn hond ziek was, dan kregen we handschoenen en prikjes mee om hem te geven.” Van de Sint Franciscus lagere school ging ze naar het Radulphus College. “Een leuke tijd, veel vrienden, al waren er allemaal kliekjes. Grappig als je elkaar dan in Nederland tegenkomt en beste vrienden wordt! Dan hoor ik opeens dat ik nogal streng was en dat ik nu heel erg meeval!” Er waren twee mensen op Curaçao die echt in haar intellect geloofden, een tante die op een basisschool lesgaf en het hoofd van die school. Die - en haar ouders - motiveerden haar om medicijnen te gaan studeren. “Ik was een vroege leerling, was 17 toen ik ging studeren. Een jaar niets doen is er op Curaçao niet bij, dus ik vertrok. Maar toen de dag daar was, besefte ik onderweg naar Hato ter hoogte van het politiebureau op Rio Canario wat ik achterliet. Iedereen was er om me uit te zwaaien, maar ik sloot me van ellende op in de auto. Op dat moment voelde ik echt wat scheuren.” Haar vader bracht haar naar Nederland, wat nog enig houvast gaf. “Ik wilde niet met de bursalen mee, ik wil altijd alles zelf regelen, dan weet ik zeker dat het goed komt. Na een paar uur in Nederland was mijn beltegoed van 200 gulden op door het bellen met mijn moeder.” Ze huurden een busje, gingen naar Ikea, Leen Bakker en richtten haar kamer in Nijmegen in, in een studentenhuis met negen anderen op een gang. Daar ontwikkelde Gouverneur haar hobby in koken. “Dan had ik een enorme maaltijd bereid en klopte maar weer aan bij vrienden of zij zin in eten hadden. Het was altijd groot en veel: ware eetfestijnen.” Overigens trekken de Antillianen vanzelf naar elkaar, aldus Roxanne Gouverneur, ze worden ook bij elkaar gezet in werkgroepen. Het was ook prettig dat haar buurman van Sint Maarten kwam. “Aan het fietsen in Nederland ben ik nooit gewend geraakt ondanks dat ik als kind veel in onze tuin fietste. De eerste keer dat ik tijdens de introductie ‘s nachts zo ver naar huis moest fietsen - toen in een kroeg ‘24 rode rozen’ werd gespeeld wilde ik ècht weg - vond ik dat best eng. Toen gingen we ook nog kamperen, in de zomer noemden ze dat. Nee, het was wennen de eerste tijd.” Co-schappen in Sehos Toen ze er vier jaar opleiding had opzitten, volgde Gouverneur de anderhalf jaar durende co-schappen in het Sehos en woonde ‘lekker bij haar ouders’. “Op alle afdelingen liep ik mee: interne, chirurgie, neurologie etcetera. Er is alle ruimte om je te ontwikkelen, maar je moet wel discipline hebben. Sommige studenten gaan om 4 uur naar het strand. Ik bleef altijd, dan kon je nòg een operatie meemaken.” Alle universiteiten hebben banden met een ander land, zo gaan ze vanuit Amsterdam naar Aruba en van Groningen naar Curaçao. “Ik heb me vanuit Nijmegen op papier laten overschrijven naar Groningen en kon zo naar Curaçao voor de co-schappen. Daar ben ik afgestudeerd als basisarts, extra leuk omdat mijn familie erbij was. Mijn ouders konden zich moeilijk voorstellen hoe ik als arts was. Ze kijken naar me als hun dochter, zien me in bikini, feestkleding of hangend op de bank en kunnen dan niet begrijpen hoe ik patiënten ontvang. Het was mooi ze nu de andere kant van mij te laten zien. Zo was ook mijn opa bij mijn afstuderen, hij is nu bijna 101, een antiek element in de familie. In zijn tuin staat een huisje waarin hij alles verzamelt wat er over de hele familie verschijnt in de kranten; zo is er nog een foto van mijn vader voor het vliegtuig toen hij naar Nederland vertrok om te gaan studeren.” Dus ook dit artikel gaat naar het tuinhuis van opa. Patiënt afhankelijk van jou De interesse van Roxanne Gouverneur ging altijd uit naar interne geneeskunde, maar na een intensief jaar in het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam op deze afdeling realiseerde ze zich dat dat geen beroep is, maar je leven. “Het gaat dag en nacht door, het laat je niet los; je hebt te maken met ernstiger ziektebeelden en je voelt de druk van de patiënt op je schouders. Je kunt altijd nu nog iets regelen, waardoor de patiënt morgen beter geholpen is. Je zit tot na werktijd in de boeken of na te denken wat je nog kunt betekenen voor je patiënten. Het gaat om leven en dood en ik ga heel ver in mijn verantwoordelijkheid. Tijdens de nachtdiensten was ik verantwoordelijk voor verschillende afdelingen, waaronder de intensive care; je moet elke minuut paraat en alert zijn, alle patiënten moeten het van jou hebben. Ik heb daar wel time management geleerd: snel denken, snel handelen, efficiënt werken, tien dingen tegelijk doen. Ik had bijna geen sociaal leven, kwam niet aan mijn hobby’s (balletdansen) toe, het vroeg teveel van me. Van mezelf ben ik heel relaxed, hoeveel stress er ook is, in mijn hoofd is het altijd kalm, maar dit ging mij te ver.” Dermatoloog Roxanne Gouverneur besloot voor dermatologie nadat een vriendin - een van Aruba afkomstige huisarts - haar dat voorstelde. “Qua carrière valt alles als een puzzel in elkaar. Want op Curaçao bleek er ruimte te zijn voor een dermatoloog. Dermatologie is voor mij te overzien. Het gaat om veel ziektebeelden, maar van één orgaan, de huid; een internist daarentegen heeft een scala aan ziektebeelden van heel veel organen, een dermatoloog maar een handjevol ziektes van één orgaan. Dit is voor mij precies goed. Het jaar interne had ik nooit willen missen, ik heb daar veel geleerd. Hierdoor heb ik ook die voorkennis van mensen en van ziektebeelden waardoor ik de huidziektes die zijn gerelateerd aan interne ziektes eruit kan pikken. Je moet altijd een oplettende arts zijn en denken: hé, dit beeld past bij een aandoening van de lever. De meeste huidziektes betreffen echt alleen de huid, maar soms zitten er doordenkertjes bij, moet je puzzelen. Een internist zit veel achter de computer om uitslagen te bestuderen, een dermatoloog is juist veel met zijn handen bezig, dat past beter bij mij. Wij kijken met onze handen, voelen hoe het aanvoelt, we duwen en trekken om te kijken hoe de huidafwijking zich gedraagt qua kleur en schilfering bijvoorbeeld en of de kleur wegtrekt. We krijgen met van alles te maken: oncologie, chirurgie, allergieën, SOA’s, lichttherapie, flebologie (oedeem, open been, spataderen). Het opvallende is, ik ben heel creatief, ik teken en klus graag, maar ook in mijn werk ben ik het best met een mesje, een scalpel, een lepel of een spuit in mijn handen. Als dermatoloog doen we van alles: bevriezen, knippen, opereren, uitlepelen, laseren. We voeren in het VU-ziekenhuis veel operaties zelf uit of werken samen met een plastisch chirurg. Ik vind het technische prutswerk leuk en vind het mooi om te zien hoe je in één keer een kluwen spataderen weg kan spuiten als je de spuit er maar goed in zet. Je spuit een soort zeep in waardoor de spataderen aan elkaar plakken. Ik ben ook bezig de cosmetische ingrepen zoals liposuctie en botoxen te leren. Maakbaarheid vind ik boeiend.” Klaar voor de overstap Momenteel werkt Roxanne Gouverneur met drie professoren, elf assistenten in opleiding en zes dermatologen. Zeven dagdelen per week draait ze poli, waar ze gemiddeld twintig mensen per poli ziet en waar ze ook samenwerkt met een gynaecoloog, reumatoloog en hematoloog. Ze kijkt ernaar uit straks in het Sehos ook met andere specialisten samen te werken. Na haar vijf jaren specialisatie studeert ze in februari 2013 af als dermatoloog, wederom op Curaçao. In Amsterdam had ze veel afleiding, een keuze aan cursussen, sportactiviteiten, restaurants en veel bewegingsvrijheid, dat zal ze missen, maar het weegt niet op tegen het weer ‘thuis’ zijn, alle verjaardagen en alle gebeurtenissen meemaken, net als vroeger toen de hele familie samen kwam bij opa en tante. “Er zijn een paar tantes die voor mij altijd steunpilaren zijn geweest, op Curaçao maar ook in Nederland.” Haar nieuw gebouwde huis, het leukste project waar zij samen met haar vader aan werkte, staat klaar, naar eigen wens uitgetekend op haar eigen oude millimeterpapier. Deze laatste maanden gebruikt ze om de puntjes op de i te zetten om perfect geschoold haar carrière voort te zetten op haar geliefde Curaçao.
|








