Cineast en schrijver René van Nie geeft vijf dagen per week, van maandag tot en met vrijdag, in deze krant zijn geheel eigen visie op allerhande zaken die in de maatschappij spelen. Hij stelt reacties op prijs: vannie@setarnet.aw.

Home Opinie Column: Mag ik ff En wie heeft?
En wie heeft? PDF Afdrukken E-mail
woensdag, 06 februari 2013 12:11

Hij riep: ‘Jij weet nog al veel’ en schoof aan. Nu had ik dat al eerder gehoord en moest ik opnieuw ontkennend antwoorden dat ‘ik niet veel wist’. Hij maakte een ruim gebaar dat ik niet moest zeuren. Een dikke zestiger, lang golvend haar en een baard. Een kleine bril met daarachter priemende oogjes. Waar ik niet op zat te wachten, want zo’n aanloop komt niet altijd goed uit. Maar ja, het is mijn broodwinning en je weet maar nooit, dus ging ik er weer eens voor zitten. Hij stak van wal. “Luister goed, de aarde is rond, ja daar is goed over nagedacht, koppie koppie zit daar achter.” Ik probeerde: “Is dat niet God of zo?” Hij haalde zijn schouders op. “Jij je zin. Dus de aarde is rond. Dan zou je denken dat je daar dan vanaf flikkert, maar nee, die God van jou heeft toen de zwaartekracht bedacht. Ja, heel knap, daar moet je maar opkomen in je eentje, want ik heb nooit gehoord dat hij een paar Einsteinen in dienst had. Dus een ronde bol waar je toch niet vanaf flikkert. Maar ja, wat heb je daaraan als je er niet op kan wonen. Ook geen probleem. Werden er wat oerwouden op die ronde bol gepoot en daar kwam de zuurstof. Nou, maar bomen alleen was ook geen lol, dus zette die God van jou daar wat gefriemel neer en dat ontwikkelde zich in de loop van vele vele eeuwen tot de mensapen die we vandaag de dag zijn.”

Ik begon het nu wel leuk te vinden en vroeg: “Wat doe we dan met Adam en Eva?” Hij keek me nu lang en doordringend aan. “Zit je me nou te belazeren of hoe zit dat?” Ik bleef ernstig. “Daar geloven veel mensen in.” Hij zuchtte. “Dan begin ik nou toch wel te twijfelen of je veel weet, want geloven doe je in de kerk en die loopt eindelijk leeg. Dus hou het nou maar bij de sprookjes van Hans Christian Andersen, dan zit je veel dichter bij de werkelijkheid. Maar goed, we gaan toch een stapje verder, niets komt uit het niets, er moet altijd iets of iemand zijn om de eerste steen te leggen, zeg nou zelf. Wat dacht je van dat gedraai, ik bedoel we draaien om elkaar heen, nee ik bedoel niet alleen de mensen, maar ook de aarde en de maan en de zon en zie wat er gebeurt. Omdat we niet 24 uur per etmaal kunnen blijven draaien, draaien we de helft van de tijd in het donker, ook schitterend bedacht. Kunnen we lekker pitten en als het licht wordt, dan gaan we weer aan de slag. Daar heb je dus een maan voor nodig en die hangt precies op de goeie hoogte. Knap hoor, want het heelal is groot man en om de maan dan precies dáár op te hangen, petje af. Oh en vergeet de zon niet, precies op de goeie afstand, te ver weg gaan we dood van de kou en te dicht bij verbranden we. Jongen jongen, ik kan er soms niet van slapen, want ik begrijp er geen zak van.”

Ik haalde mijn schouders op. “Daarom geloven veel mensen in God, want die heeft dat allemaal bedacht.” Hij dacht even na. “Maar weet je, niets komt voort uit niets, dus er moet altijd iets zijn om tot iets te komen. Nou, laat die God van jou dan dat iets zijn geweest. Maar dan moet er toch iets anders zijn geweest om die God van jou van niets tot iets te maken?!”